Al Basit, dat in het Arabisch ‘de vlakte’ betekent, is een stad in het centrale gedeelte van Spanje, in de regio Castillië-La Mancha. De stad was in de 13de eeuw slechts een klein dorpje dat tot het stadje Chinchilla behoorde. In 1241 werd de plaats ingenomen door de christelijke troepen en behoorde vanaf die tijd tot de domeinen van Alarcón. In het jaar 1375 verkreeg het zijn onafhankelijkheid en in 1526 verleende Karel V het bestuur van het stadje aan zijn echtgenote, keizerin Isabella van Portugal. Dankzij de gunstige ligging op de verbindingsroute tussen Madrid en de oostkust is Albacete in de huidige tijd een provinciehoofdstad, die een constante maatschappelijke en economische vooruitgang doormaakt. De autoweg A-31 vormt een verbinding tussen Madrid en Albacete. Dezelfde brede weg leidt eveneens naar Alicante en Valencia. De N-430 komt uit Ciudad Real. Een andere manier waarop Albacete bereikt kan worden vanuit de zuidelijke provincies is via de N-322.
In 1515 werd begonnen met de bouw van de kathedraal van Johannes de Doper. Architecten als Enrique Egas en Diego de Siloé hebben hieraan gewerkt. De talrijke wijzigingen die gedurende de laatste eeuwen zijn aangebracht hebben de gotische kenmerken van het bouwwerk echter niet aangetast. De Kathedraal staat aan het Plaza Virgen de los Reyes bovenop een elegante door trappen gevormde sokkel. Andere religieuze bouwwerken zijn het oude klooster van La Encarnació, uit de 16de eeuw, tegenwoordig dienstdoende als cultureel centrum, en de kerk van De Onbevlekte Ontvangenis met een 18de-eeuwse gevel. Vanuit het Plaza del Altozano komt men bij de levendigste straatjes van de stad. Aan een zijde van het plein bevindt zich de Rechtbank en aan de andere het voormalige Gemeentehuis dat tegenwoordig een museum voor kunst en volkstradities herbergt.
Onder de civiele bouwwerken is vooral de Posada del Rosario de moeite waard; hier is het toeristenbureau gevestigd. In de constructie heeft een vermenging plaatsgevonden van gotische, mudejar- en renaissancestijlen. Uit recentere tijden dateren de verscheidene herenhuizen waarvan slechts het Casona Perona overgebleven is terwijl het aan de Paseo de la Libertad gelegen paleis van Gedeputeerde Staten het meest bijzondere gebouw is van de 19de-eeuwse bouwwerken. De classicistische stijlkenmerken in de gevel zijn heel opmerkelijk. In het interieur bevindt zich een uitgebreide verzameling beeldende kunst uit de 20ste eeuw. De Passage van Lodares, één van de emblematische plekken van de stad, is een voorbeeld van de bouwkunst uit het begin van de 20ste eeuw.
Aan de kennismaking met deze hoofdstad mag een bezoek aan het museum van Albacete niet ontbreken, met waardevolle verzamelingen uit de prehistorische, Iberische en Romeinse tijd waaronder bijvoorbeeld de beroemde poppen met beweegbare ledematen van de Romeinse necropolis Ontur, het Iberisch-Romeinse beeld van een hoofd van El Tolmo of het zwaard van La Hoya. Het marktterrein, in de volksmond bekend als ‘de koekenpan’, is met het stadscentrum verbonden via de Calle Feria. Aan een zijde van het plein staat de arena, gebouwd in neomudejarstijl.
