Baskenland spreidt zich uit over twee landen, Frankrijk en Spanje. Kleine dalen tussen Bergen". Deze definitie van het Baskenland door Miguel de Unamuno is één van de beste. De schrijver voegde hier nog aan toe: "In het Baskische landschap lijkt alles binnen handbereik te liggen, is alles gemaakt op de maat van de mens die daar woont en het land bewerkt. Het is een huiselijk landschap met meer land dan lucht; het is net een nest".De Zee van Cantabrië en de Pyreneeën vormen de achtergrond van een landschap in allerlei schakeringen groen, steile kusten met ondiepe inhammen en bergkammen begroeid met beuken- en eikenbossen. De inwoners zijn eeuwenlang zeelieden, kleine boeren en herders geweest die een onbekende taal spraken die geen verwantschap vertoont met bekende talen, de oorsprong waarvan meer in legendes gezocht moet worden dan in de geschiedschrijving. Eén ding is echter zeker: het Baskische volk is de oudste en meest authentieke volksgroep van Spanje.
Er wordt verteld dat alles begon met ‘Sugaar', één van de mythologische Baskische personages, die een liefdesrelatie had met een mooie prinses die in Mundaka woonde. Uit deze verbintenis werd Juan Zuria geboren, de eerste heer van Bizkaia. In werkelijkheid beschouwen de Basken zich echter als nakomelingen van het land: de euskaldunak. Een volk dat zijn tradities heeft weten te behouden, dat geen overheersingen heeft gekend en dat een ‘etnisch eiland' vormde. Al in de 14de eeuw bereikten de Basken IJsland en Groenland en installeerden zij zich aan de kust van Terranova en Canada. Juan Sebastián Elcano, de eerste man die een reis rond de wereld maakte, kwam uit Getaria en uit Zumárraga kwam Legazpi, de veroveraar van de Filippijnen. Maar behalve zeelieden zijn er hier ook boeren.
De boerenhoeve is nog steeds het middelpunt van het Baskische plattelandsleven. De duidelijk kleinschalige landbouw is gebaseerd op een intensieve bewerking van het land, waardoor dit maximaal benut wordt. Een ander traditioneel Baskisch beroep is herder. Over het algemeen waren deze herders eigenaar van hun kuddes en als dat niet zo was emigreerden zij meestal. Talrijke herders zijn zo terecht gekomen in de Verenigde Staten en Canada. De belangrijke industrie waarom het Baskenland tegenwoordig bekend is dateert, tesamen met de handel, uit het begin van de 20ste eeuw. De eik is typisch hun boom. Eiken zijn nog ruimschoots te vinden in Álava, iets minder in Gipuzkoa, terwijl ze vrijwel geheel verdwenen zijn in Bizkaia, waar zich de beroemdste van alle eiken bevindt: die van Gernika. Deze plaats met zijn eik zijn het symbool geworden van de Baskische vrijheid.