Plaza de Cibeles
Een van de fraaiste pleinen van de stad en wordt omringd door zeer mooie en statige gebouwen uit de 19de eeuw. Het plein is het symbool van de voortvarende 19de-eeuwse stadsuitbreiding en de grandeur van Madrid. Cibeles is overweldigend, hier is op een vierkante meter meer of minder niet gekeken. Behalve op een permanente verkeerschaos heeft u vanaf het plein zicht op de Puerta de Alcalá, de Gran Via en op een aantal imposante gebouwen van eind vorige eeuw, hieronder ook het huidige hoofdpostkantoor.
Plaza de la Villa
De Calle Mayor ligt tussen de Calle Bailén en de Puerta del Sol en was van de 16de tot de 18de eeuw de belangrijkste straat van Madrid. Hier, dicht bij het Alcázar, woonde de adel, en er zijn ook nog diverse stads paleizen te bewonderen. De meeste daarvan zijn gerestaureerd en zijn nu dependances van het stadhuis van Madrid. Het hoofdgebouw van het stadhuis, het Casa de la Villa ligt aan de gelijknamige Plaza de la Villa, een aangenaam, rustig stukje Madrid. Het is eind 17de eeuw gebouwd door alweer Juan Gómez de Mora. Aan dit schitterende plein bevindt zich de 15de eeuwse Torre de Los Lujanes, wat het oudste gebouw is aan het plein.
Plaza de Oriente
Teneinde enige afstand te bewaren tussen de koningen en het mogelijk opstandige volk gaf de broer van Napoleon, de niet erg populaire jozef I Bonaparte, opdracht tot het aanleggen van het Plaza de Oriente. Gebaseerd op schetsen van Veláquez, die aan dit plein woonde voordat de veranderingen uitgevoerd waren, werd de voorkant van het beeld van Filips IV te paard vervaardigd dat hier een prominente plaats inneemt; aan het project nam niemand minder dan Galileo Galilei deel, die het evenwicht van het op zijn achterpoten steigerende paard berekend heeft.
Plaza Mayor
Eeuwenlang een markt en ‘theatraal’ toneel van het leven in Madrid, waar men getuige kon zijn van berechtingen, afkondigingen, stierengevechten, feesten en openbare terechtstellingen, kan het Plaza Mayor al seen ontmoetings- en startpunt dienen voor allerlei wandelroutes door de stad. De ‘Binnenplaats van de Spanjes’ zoals de schrijver Gómez de la Serna dit plein definieerde. Alexander Dumas Sr. Heeft beweerd dat van alle theaters die hij kende deze ‘de mooiste en best geschilderde koepel van allemaal’ had: de hemel van Madrid. Het Plaza Mayor werd in 1620 ingewijd en vormt sindsdien het symbool bij uitstek van het Madrid van het Huis van Habsburg, met de fraaie fresco’s van het Casa de la Panadería en het beeld van Filips III te paard als de meest opmerkelijke aspecten. Negen poorten verschaffen toegang tot dit door zuilengalerijen omgeven plein met winkels en terrassen, waar op straat werkende schilders nog steeds de sfeer van het zwierige Madrid van Pérez Galdós rond dit plein bepalen.
Plaza de Santa Ana
De Plaza de Santa Ana (ten zuiden van de buurt Sol) en omgeving is een van de meest uitbundige uitgaanscentra en het 'Quartier Latin' van Madrid. Kleine winkels en boekhandels, een wirwar van straatjes, cafés en diverse uitgaansgelegenheden bepalen hier de sfeer. Je vindt er, naast een grote concentratie hotels en pensions, het Teatro Espaniol, het Teatro de la Comedia en fraaie straten zoals de Calle de la Cruz en de antiekstraat Calle del Prado. Het is tevens de buurt van de illustere schrijvers Cervantes, Francisco de Quevedo en Lope de Vega. De eerste twee woonden ook in de straat die hun naam draagt, maar het museum van Casa de Lope de Vega staat in de Calle de Cervantes.
Plaza de Espana
De straat Calle Bailen begint bij de Plaza de Espana waaraan de symbolen van totalitaire groteske architectuur van Madrid in de Franco tijd staan, waaronder het Edificio Espana en de Torre de Madrid. Midden op het plein staat Cervantes, met aan zijn voeten zijn onsterfelijke creaties Don Quichot en Sancho Panza. De aantrekkingskracht van het grote monument op het plein is enorm. Elke toerist wil dit monument bezichtigen. Het monument vertelt het sprookje van Don Alonso Quijano's (Don Quijote) reizen rond Castilla La Mancha. De 4 gezichten van het monument komen overeen met de karakters en scènes uit de roman waaronder natuurlijk zijn geliefde "Dulcinea de El Toboso" wie, in zijn fantasiewereld, een wonderschone maagd is maar in werkelijkheid, zoals te zien is op het standbeeld, een wasvrouw is. De achterliggende gedachte achter de gezichten van het standbeeld zullen de gemiddelde bezoeker, die nog nooit van de roman van Cervantes heeft gehoord, niks zeggen. Desondanks wil iedereen graag met het monument op de foto.